19 januari 2007

Olifantenoverlast
Aangenaam verrast was ik toen ik in HP/De Tijd van deze week een artikel zag over het Krugerpark in Zuid-Afrika. Daarin werd het probleem van het olifantenoverschot in Zuidelijk Afrika beschreven. Over dit probleem hadden we tijdens onze vakantie in het Krugerpark al meer gehoord. In gedachten reisde ik meteen terug naar Moholoholo, het opvangcentrum voor gewonde roofvogels in de buurt van Hoedspruit, waar we in oktober ook op bezoek waren.
De ranger die ons rondleidde vertelde ons toen al dat er in het Kurgerpark te veel mannetjesolifanten worden geboren en hoe schadelijk zo'n overschot is voor het natuurlijk evenwicht in het Krugerpark. Bestaande kuddes kunnen niet uit de voeten met al dat manvolk, dus gaan jonge bullen in hun uppie aan het zwerven. Op onze tochten door het park zijn we inderdaad heel wat 'loslopende' olifanten tegengekomen. Bij die gelegenheid konden we met eigen ogen zien hoe de natuur lijdt onder het geweld van deze grijze reuzen. De ranger legde overigens uit dat moeder Natuur het bij olifanten bijzonder fraai heeft geregeld: hoe later in hun vruchtbare periode koeien worden gedekt, des te groter is de kans dat er een koekalf wordt geboren. Vanwege het grote aantal olifantenbullen gebeurt tegenwoordig helaas meestal het omgekeerde: de heren hebben veel concurrentie, dus wordt er (te) snel gedekt. Zo komen er steeds meer mannetjes bij en daarmee is de vicieuze cirkel rond. Voor veel kleine grazers – zelf onderdeel van de voedselketen – blijft er steeds minder voedsel over. Dat betekent in het ergste geval dus een tekort aan prooidieren met als gevolg dat ook de grote jagers (leeuwen, luipaarden en cheetahs) in hun bestaan worden bedreigd.
Uit het artikel blijkt dat het zoeken naar een oplossing een politieke kwestie is geworden. ‘Onze’ ranger was bang dat het weleens te laat zou kunnen zijn voor een oplossing als er niet op zo kort mogelijke termijn een beslissing zou vallen. Maar je maakt je als politicus natuurlijk niet erg populair met maatregelen om hele kuddes af te schieten, vooral niet omdat de olifant decennialang een beschermde soort is geweest. Tijdens onze begeleide tochten hebben we hierover ook met rangers in het Krugerpark gesproken en ze bevestigden allemaal dat er dringend iets moet gebeuren. Als je dan ziet hoe jonge olifantenbullen tekeer gaan in een bosje verdord hout, kun je je ook moeiteloos voorstellen dat de kleine grazers hun eten beter ergens anders kunnen zoeken. Het artikel geeft de reacties
van natuurbeschermers weer - meestal felle tegenstanders van afschieten – maar stelt (terecht) vast dat mensen een hek om het Krugerpark hebben gezet en daarmee dus verantwoordelijk zijn voor het reguleren van de wildstand om zo de voedselketen in stand te houden. Ook al betekent dat in de praktijk dat bepaalde dieren moeten worden afgeschoten. In opvangcentrum Moholoholo (daarover een volgende keer meer) werd behoorlijk gehamerd op het belang van de voedselketen, juist omdat elke diersoort daarin zijn eigen plek heeft. Mocht er een tekort aan prooidieren ontstaan, dan krijgen bijvoorbeeld ook hyena's en gieren te weinig voedsel en dreigen uit te sterven. Kortom, het overschot aan olifanten heeft onherroepelijk gevolgen, niet alleen voor de natuurgebieden, maar ook voor de wildstand.

(klik op de foto's voor een vergroting)

1 opmerking:

Anoniem zei

Wat een leuke blog !
=)