22 september 2018

Adieu

Vertalen is een vak. Een prachtvak. Ik heb het ruim dertig jaar met buitengewoon veel plezier beoefend en kon er mijn brede interesse en creativiteit perfect in kwijt. Wat heb ik veel geleerd in die periode van de uiteenlopende onderwerpen waarover ik mocht vertalen. En wat heb ik ervan genoten!

Ruim tien jaar geleden kreeg ik er een bijzondere rol bij, die van ambassadeur van ons familiebedrijf. In die rol kwam ik steeds vaker in aanraking met andere vormen van vertalen, meer langs de grote lijnen van communicatie en marketing. Om in het jargon te blijven: ik ben me meer gaan richten op vertalen in overdrachtelijke dan in letterlijke zin. Mijn horizon werd breder, ik werd enthousiaster en voelde nieuwe, andere bronnen van creativiteit opborrelen.

Allengs merkte ik echter wel dat het voortdurend schipperen om aan beide activiteiten voldoende aandacht te kunnen besteden me behoorlijk dwars ging zitten. Ik ben nu eenmaal beter in één ding goed doen dan in twee dingen half. Daar word ik niet gelukkig van en dat komt mijn werk in uitvoering evenmin ten goede.

Tijd dus om te kiezen. Sinds begin dit jaar heb ik verschillende scenario’s de revue laten passeren, om tot de conclusie te komen dat ik me in de volgende fase van mijn werkzame bestaan vooral wil richten op die andere vormen van vertalen. Daarom neem ik - weliswaar met enige weemoed, want ik zal het traditionele vertalen vast nog wel eens missen - toch afscheid van dit prachtige vak. En van de naam Diets & Deutsch Vertalingen.

Met deze laatste bijdrage neem ik dus ook afscheid van jullie, beste lezers. Graag wil ik jullie langs deze weg bedanken voor jullie belangstelling. 

Binnenkort hef ik deze weblog op. Rest mij om jullie het allerbeste te wensen. 


Plaatjes Groetjes

10 maart 2017

De CFIA in Rennes (F)

Het wordt bijna een traditie: ook dit jaar waren we met ons familiebedrijf Ruitenberg Ingredients weer met een stand vertegenwoordigd op de Franse agrifoodbeurs CFIA, die van 7 tot en met 9 maart in het Franse Rennes werd gehouden. Dit keer stond het door ons ontwikkelde vegetarische worsthuidje centraal (Rudin(R)VegaCasing). Ter promotie hadden we daarvoor droge worstjes in vlees- en visvariant klaarliggen, zodat bezoekers zowel textuur als smaak konden uitproberen. Vooral de visvariant liep als een trein en bij een spontaan doorgevoerde smaaktest ontdekten we iets interessants: sommige bezoekers meldden spontaan en precies om welke vis (zalm) het ging en andere bezoekers dachten dat het chorizo (??) was, maar als we vertelden dat het een visvulling was op basis van zalm, dan herkenden ze het ineens wel.
 
Aan mij als familieambassadeur meestal ook de dankbare taak om tijdens deze beurs de vele studenten van mbo- en hbo-opleidingen uit de buurt (in dit deel van Bretagne zitten namelijk veel agrifoodopleidingen geconcentreerd) uit te dagen, door ze niet alleen een smaaktest te laten doen, maar ook te laten meedenken over mogelijke andere producten en toepassingen voor de visvariant, bijvoorbeeld als we een iets dikkere worst zouden kunnen maken. Altijd leuk om hun reacties te peilen. Kennelijk werkte ons enthousiasme aanstekelijk, want op enig moment stonden er zelfs docenten voor onze neus, die vertelden dat ze nieuwsgierig waren naar dat buitenlandse bedrijf waar hun studenten zo enthousiast over hadden bericht. En sommige van hen waren zelfs zo dapper om te komen vragen of we ook wel met stagiaires werkten. Jazeker, als ze bereid zijn om naar Nederland te komen en als hun beheersing van het Engels goed genoeg is.
 
Gelukkig hebben we daarnaast ook voldoende interessante gesprekken gevoerd met potentiële en bestaande klanten. 
Ondanks de staking van de luchtverkeersleiders in Frankrijk deze hele week, waardoor zowel de heen- als de terugreis een spannend avontuur werd, kunnen wij in elk geval terugkijken op een succesvolle beurs.

De organisatie dankte na afloop via Twitter zowel de 1.450 exposanten die de beurs mogelijk hadden gemaakt, als de 20.063 bezoekers die de moeite hadden genomen om de beurs te bezoeken:
 

 

14 december 2016

Magie, magie en nog eens magie!
 
Het is alweer heel wat jaren geleden dat ik de boeken over de avonturen van tovenaarsleerling Harry Potter voorlas aan onze jongste koters. Zelf vond ik die verhalen destijds al prachtig, mysterieus en spannend. Om nog maar te zwijgen over de enorme fantasie waarmee geestelijk moeder J.K. Rowling de wereld van Zweinstein en zijn studenten vol humor  en zo levensecht wist te beschrijven. De avonturen van Harry, Ron en Hermelien worden vanuit een originele invalshoek verteld en de boeken zijn ook nog eens erg speels en vindingrijk in het Nederlands vertaald. Hulde daarvoor aan de vertaler, Wiebe Buddingh'. Enige tijd later volgden de films, waarin de wonderbaarlijke tovenaarswereld zeer fantasierijk en ongelofelijk fraai in beeld werd gebracht. We hebben alle films uiteraard eerst op bioscoopformaat bekeken en daarna met enige regelmaat nog op televisie en dvd kunnen terugkijken. Sinds de allerlaatste bioscoopfilm had ik zowaar een beetje heimwee naar dat magische wereldje met zijn bewegende beelden in de kranten...

Fantastic Beasts And Where To Find Them
Zou mevrouw Rowling dat zelf ook zo hebben ervaren en is dat de reden voor een nieuwe serie films? Of had ze gewoon nog een paar extra verhalen op de plank liggen? Met deze eerste film, Fantastic Beasts and where to find them, is de magische wereld van Harry Potter in elk geval weer helemaal terug. Zelfs zonder de beroemde hoofdpersoon ook maar een seconde in beeld te zien verschijnselen, worden we ook dit keer vrijwel meteen meegezogen in die geheimzinnige sfeer. En toch, toch voelt dat wereldje ook direct weer vertrouwd aan, een prestatie op zich van de regisseur! Ik liet me dan ook graag meevoeren naar de jaren twintig van de vorige eeuw, naar New York, waar de tovenaarswereld kennelijk ondergronds was gegaan. Ook nu dreigde telkens weer de confrontatie met dreuzels en moesten er behoorlijk wat herinneringen worden gewist. Een spannend verhaal met humor, uitzonderlijk fraai gemaakte fantastische beesten, die wat mij betreft wel wat meer in het middelpunt hadden mogen staan, en een schoolverlater als aanstormend tovertalent - ik heb me kostelijk geamuseerd! Met een verrassende ontknoping op het eind: in de opgepakte 'boef' meende ik hem al te herkennen; bij de aftiteling bleek dat ik gelijk had. Een geweldige vermomming - ik zal er hier verder niks over verklappen. En ook hier wil ik de vertaler een groot compliment maken: dank, Richard Bovelander, voor een perfect bijpassende ondertiteling!

Stiekem ben ik eigenlijk best een beetje jaloers op die mevrouw Rowling. Je zal toch maar over zo'n schier onuitputtelijke bron van fantasie beschikken....

30 juli 2015

Canada - week 3

Vancouver Island

Een forse chinookzalm, vijf kilo schoon aan de haak, manlief en ik waren zeer onder de indruk! De vis werd direct gewogen, schoongemaakt en met visvergunning voor 1 dag op ijs gelegd om verder verwerkt te worden. We besloten om de chef-kok een deel van de vis de volgende dag klaar te laten maken voor het diner en de rest te laten invriezen en naar Nederland te laten verschepen. Werd allemaal ter plekke voor ons geregeld en kostte verhoudingsgewijs ook niet eens zo gek veel geld. Het zou alleen wel een paar weken kunnen duren voor we de zalm thuis in ontvangst konden nemen.
 
De trip op de Johnston Strait, op zoek naar orka's, werd een onvergetelijke ervaring. Eerst reden we met een busje een eind noordwaarts en stapten vervolgens over op een snelle boot met een bevlogen kapitein en marien biologe in opleiding. Ze wisten veel te vertellen over het leven van orka's en herkenden alle leden van de groepen die zich in deze contreien veelal ophielden, aan hun rugvin, bijzonder! Voor we het goed en wel beseften, zagen we de eerste dieren al spelend en stoeiend langs de kustlijn gaan. De motor ging direct uit en zo dobberden we rustig rond. Op enig moment kwam er een hele groep tegelijk aanzwemmen, richting onze boot, wat een indrukwekkend gezicht! Ik kreeg er kippenvel van, zo ontroerend, het leek alsof ze ons wilden begroeten. De leidster zwom voor de boot langs, hield ons met één oog in de smiezen, terwijl de rest onder ons door dook. Een heel eind verderop zagen we ze weer boven water komen. Ze namen afscheid van ons door heel elegant met hun staartvin te 'zwaaien' voordat ze weer een duik namen. Jammer genoeg was de afstand te groot, dus hebben we het niet kunnen vastleggen. Maar dat doet niets af aan de beleving, ronduit fabeltastisch!

We sloten ons verblijf in Campbell River af met een overheerlijke portie wilde zalm bij het diner - voorlopig hoef ik dan ook even geen kweekzalm meer te eten. De reis ging verder richting Port Alberni, waar we met een heuse stoomtrein naar een stoomhoutzagerij werden vervoerd. Onderweg werd er regelmatig een straat gekruist en moest er, uiteraard, weer even aan de stoomfluit worden getrokken. Inzittenden van de wachtende auto's zwaaiden enthousiast, kortom, een komisch ritje. De volgende dag bestond een excursie uit het meevaren met de Lady Rose (nou ja, een zusterschip) de fjord op en neer. Helaas hadden we die dag iets minder mooi weer en de beloofde laad- en lospraktijken hadden meer weg van een veerpont voor vakantiegangers en kayakkers dan van een soort traditionele postboot waar ze mee adverteerden. Het werd een lange, lange dag met bitter weinig hoogtepunten.

Deze tussenstop in Port Alberni bleek overigens geen overbodige luxe; een dagtrip verder rijden door prachtig heuvelachtig landschap bracht ons aan de westkust, waar we eerst het schilderachtige plaatsje Tofino gingen verkennen en vervolgens ons overnachtingsadres in Uclulet opzochten. Over het Black Water Oceanfront, een resort dat direct langs de kust is gebouwd, niets dan lof: we hebben er heerlijk geslapen, gegeten en van de fenomenale uitzichten over de oceaan kunnen genieten.

Qua gezelligheid hadden we misschien liever in een iets minder afgelegen hotel gezeten, bijvoorbeeld in de buurt van Tofino, een heerlijk relaxt dorpje met veel grappige en originele winkeltjes. Van daaruit zijn we opnieuw met een boot het (veel ruwere) water op getrokken om zeeottertjes, bultruggen en zeehonden te gaan spotten. We hebben ook dit keer heel wat dieren in hun natuurlijke omgeving gezien en ook nu was het een fantastische ervaring, vooral om elke keer door de branding te moeten varen!
Als aandenken kocht ik een prachtige door een First Nations (zo worden de inheemse inwoners van Canada aangeduid) van cederhout gemaakte orka, ook al hadden we die hier nu juist niet gezien. Onderweg terug naar Uclulet maakten we nog een fikse wandeling in een spookachtig bos dat uiteindelijk uitkwam op het strand: veel trappen om de hoogteverschillen te overbruggen, prachtige oude bomen in diverse vormen en verder nogal donker en duister, maar erg fraai om in te wandelen! Gelukkig doet de geblesseerde knie inmiddels weer min of meer gewoon mee, zolang we de dagen van inspanning maar afwisselen met ontspanning (lees: in de auto zitten).

Victoria
Vanuit Uclulet gingen we op weg naar Victoria, via een pittoresk plaatsje, Chemainus, waar we met een plattegrond in de hand bijna alle meer dan manshoge muurschilderingen hebben bekeken; erg indrukwekkend! We lunchten er bij een tentje dat ooit van Nederlandse eigenaren was geweest: je kon er nog steeds krentenbollen krijgen...

Victoria is een grote, prachtige 'oude' stad, waarvan het centrum nogal Brits aandoet. We hadden er een hotel aan de haven en konden vanaf ons balkon volop genieten van de pittoreske veerpontjes die de hele dag heen en weer voeren. Ze deden ons erg aan Hongkong denken!
We moesten wel weer even wennen aan al dat verkeer en al die mensen, na weken voornamelijk natuur, ruimte & rust. 's Avonds verkenden we de eveneens bekende artistieke wijk Fisherman's Wharf. Fraai en creatief gedecoreerde woonboten, veel toeristen en eettentjes. Winkelen in het centrum van de stad was er ook erg leuk, we bezochten de wereldberoemde boekwinkel Munro's (en kochten er uiteraard een boek) en dronken koffie bij de al even beroemde buren: lunchroom Murchie's met zijn authentieke inrichting en prachtige koffie- en theeafdeling met al even prachtige serviezen, genieten dus.
Langzaam maar zeker komt het einde van onze fantastische reis in zicht. Nog een weekje en dan vliegen we alweer terug naar Amsterdam... onvoorstelbaar. 

22 juli 2015

Canada - week 2

Whistler
De tweede week van onze reis begon met de rit van Clearwater naar Whistler, die ons wederom door prachtige landschappen voerde. We stopten bij Lac des Roches voor een kop koffie, midden tussen de beboste bergen, kregen daar een gedetailleerde kaart voor de barre off-road-route over de North Napoleon Road om een stuk af te snijden, waar we een wapitihert wilden fotograferen, maar bijna van onze sokken werden gereden door een enorme truck met dubbele oplegger, volgeladen met boomstammen. Dat was even schrikken! We kwamen door dorre, afgegraven canyons, maakten een heuse roadblock mee (op de even uren mochten aan beide zijden een paar auto's doorrijden - er was een stuk van de doorgaande weg weggeslagen, dus moest er een stuk uit de berg worden geboord, nogal wat oponthoud dus), waardoor we uiteindelijk tamelijk laat in Whistler aankwamen. 
Bike city, zo ontdekten we de volgende ochtend bij de gondel naar boven: in een stoeltjeslift passen vijf bmx-fietsen, de berijders zitten dan in het volgende stoeltje en komen vervolgens in een moordvaart naar beneden suizen. Sommige deden onderweg naar beneden ook nog stunts, we hebben onze ogen uitgekeken, eerst 's morgens bij een kop koffie en 's avonds bij het eten nog een keer. Verder is het natuurlijk ooit Olympisch wintersportdorp geweest en dat kun je overal nog wel zien. 

Lower Sunshine Coast
Vanuit Whistler vertrokken we richting kust. Onderweg bewonderden we nog een waterval, gingen met de Sea-to-Skygondel naar boven en wiebelden daar over de hangbrug (kunnen we vast oefenen; in Vancouver hangt een nog veel grotere) en brachten we een bezoek aan een mijnmuseum, waar we in een prachtig oud treintje werden gezet (allemaal een helm op) en uitleg kregen over de winning van koper 'in the old days'. Deze mijn was tot 1974 nog volop in werking en veel instrumenten en gebouwen zijn behouden gebleven. We waren zeer onder de indruk. Halverwege de middag checkten we in voor de BC Ferry bij Horseshoe Bay, om over te steken naar Langdale en van daaruit door te kunnen rijden naar onze lodge in Secret Cove. Die ligt prachtig verscholen op zeer geaccidenteerd terrein aan het water - wij hebben ocean view en kunnen zowel 's morgens als 's avonds genieten van het fraaie uitzicht (en houttransporten bewonderen, lange ladingen boomstammen die door een of twee sleep- en/of duwbootjes worden vervoerd, erg grappig om te zien). 
We maakten daar een wandeltocht bij Smuggler's Cove, inderdaad, daar werd vroeger volop gesmokkeld en dat begrepen we ook wel toen we de moerasachtige vlakte, afgewisseld met ingenieus verscholen baaien ontdekten. Weer een aardige klautertocht, maar leuk om te beleven. Daar ontdekten we ook bijzondere bomen: Arbutus trees, waarvan de schors vervelt, heel apart om te zien! We reden naar het enige grotere plaatsje in de buurt, Sechelt, om wat eten en drinken in te slaan, vonden er een soort boulevard langs de zeer rustige kust met kiezelstrand en hebben daar nog even heerlijk in de zon kunnen zitten. Het viel ons wel op hoe weinig toeristisch het er aan deze zijde aan toe gaat; er zijn bar weinig plekken waar je überhaupt bij het water kunt komen en restaurants of terrasjes konden we er ook niet makkelijk vinden. 
 
Vancouver Island - Upper Sunshine Coast
Na bijna twee weken te hebben vertoefd in berglandschappen en nationale parken staken we over naar Vancouver Island, waar we eerst de Upper Sunshine Coast verder hebben verkend. We startten 's morgens belachelijk vroeg met het veer van Earls' Cove naar Saltery Bay, om vandaar snel verder te rijden om op tijd bij het veer van Powell River naar Little River te kunnen zijn. Die overtocht duurde anderhalf uur, heerlijk in het zonnetje mijn logboek zitten bijwerken! Eindstation voor die dag was Campbell River, halverwege het eiland ongeveer, waar we een fantastisch uitzicht over het water hadden en 's avonds bijna niet aan eten toekwamen, zoveel gebeurde er. 
We zagen zeehonden spelen, een walvis spuiten, houttransporten voorbijkomen, twee drijvende flatgebouwen (cruiseschepen), zeearenden die vochten om een prooi, kortom, dynamiek! We bleven aanvankelijk een nacht, ter overbrugging van de afstand naar Port Hardy, in het noorden van Vancouver Island, waarvandaan we per watervliegtuig naar de Great Bear Lodge in de Smith Inlet werden gevlogen, een bijzondere ervaring! 
Daar verbleven we in totaal twee dagen, hebben er een fantastische tijd gehad, veel excursies per boot onder leiding van ervaren gidsen, veel bijzonder fraaie natuur gezien en zeehonden en watervogels. We hebben er ook van alles van grizzlyberen gezien, sporen, hopen poep, hun weggetjes dwars door het bos, behalve de beren zelf. In het zomerseizoen is het altijd lastig spotten, omdat ze dan vaak voldoende voedsel kunnen vinden in de uitgestrekte bossen daar. Desondanks hebben we met volle teugen genoten van de geïsoleerde ligging van de lodge, de overweldigende natuur daar en de gastvrije, vriendelijke en vrolijke ontvangst door het team. Een absolute aanrader voor wie even helemaal wil uitloggen (geen bereik, geen wifi...). Het is ons in elk geval uitstekend gelukt.

Inmiddels zijn we terug in Campbell River, waar Hans vanmiddag uit vissen is gevaren (benieuwd of hij iets gevangen heeft) en ik dit reisverslag kon maken. Over het algemeen boffen we enorm met het weer, hoewel het op Vancouver Island iets frisser is qua temperatuur en er voor deze week ook meer regenbuien zijn voorspeld. Morgen gaan we de hele middag op excursie om vanaf een boot orka's te spotten - spannend vooruitzicht. En we zitten weer in dezelfde lodge, met uitzicht op het water, dus het zullen wel weer enerverende maaltijden worden met de camera in de aanslag.